Bijna 23 jaar de ArenA: tijd voor een terugblik

De ArenA werd bijna een kwart eeuw geleden neergezet als kwartiermaker voor Amsterdam-Zuidoost: een uniek multifunctioneel stadion voor voetballiefhebbers én concertgangers. Dat zou een positieve impuls geven aan het imago en de economie van dit gebied. Tijd voor een terugblik.

Het is alweer bijna 23 jaar geleden dat de ArenA zijn deuren opende. Het multifunctionele stadion was een volledig nieuw concept: niet alleen zou er in het stadion gevoetbald worden, er zouden ook concerten van wereldartiesten en tal van andere (business)evenementen plaatsvinden. De ArenA werd mogelijk gemaakt door de gemeente Amsterdam, Ajax en private investeerders, over het algemeen Ajax-fans die zich met hun investering gegarandeerd toegang verschaften tot het stadion. De ArenA werd naar de wens van de gemeente Amsterdam in stadsdeel Zuidoost neergezet als kwartiermaker voor een nieuw te ontwikkelen gebied.

‘Het idee was dat de ArenA als multifunctioneel stadion veel bezoekers zou gaan trekken en zo een nieuwe economie op gang zou brengen,’ vertelt Henk van Raan, directeur Innovatie van de ArenA. ‘Wij voelden ons meteen verantwoordelijk voor de totstandkoming van dit plan en hebben die belangrijke rol opgepakt. Samen met de gemeente hebben we dit deel van Amsterdam ontwikkeld tot hét uitgaanscentrum, met shoppingcenters, kantoren en veel entertainment.’ Daarin zijn zij zeker geslaagd. Uit een publicatie van weekblad Elsevier blijkt dat Amsterdam-Zuidoost de meest profijtelijke vierkante meters heeft van de hele stad.

Duurzaamheid

Toen het gebied economisch eenmaal op de kaart stond, kwam de gemeente in 2010 met een nieuw verzoek: of de ArenA kon helpen de duurzaamheidsdoelen voor de stad tastbaar te maken. Van Raan: ‘Duurzaamheid had in die tijd nog het imago van “minder” en “inleveren” en “geitenwollen sokken”. Aan ons de vraag of we duurzaamheid wat sexyer konden maken, meer fun, zodat anderen hopelijk ons voorbeeld zouden volgen. We hebben toen contact gezocht met stichting Urgenda, een landelijke organisatie die samen met bedrijven Nederland versneld duurzaam wil maken. Samen met hen hebben we een roadmap gemaakt waarlangs wij stap voor stap konden verduurzamen. Allerlei stappen zijn intussen genomen. Installaties die veel fossiele brandstoffen consumeren zijn vervangen door meer duurzame bronnen, zoals stadswarmte en stadskoude. We hebben zonnepanelen op het dak geplaatst en kopen energie in van windmolens bij Oudendijk en Purmerend. We hebben een batterij ontwikkeld waarmee we zelf energie kunnen opslaan en die de grid operator kan helpen bij het balanceren van het net. Amsterdam Energy Arena ontving hiervoor dit jaar een grote Europese prijs van het World Economic Forum in Davos en onlangs nog de prestigieuze Green Apple Award voor Environmental Best Practice. Daarnaast hebben we veel aandacht besteed aan mobiliteit. Uit onderzoek bleek dat de impact van mobiliteit vijf keer groter was dan de impact die wij zelf als stadion hebben. Dat heeft alles te maken met de transportkeuze van de stadionbezoekers. Dat was voor ons een eyeopener. Dus dachten we: als we nu met betere alternatieven komen die bezoekers kunnen verleiden andere keuzes van vervoer te maken…’ Amsterdam Innovation Arena heeft de afgelopen jaren dan ook hard gewerkt aan de totstandkoming van een mobility portal.

Innovatiedirecteur Van Raan: ‘Samen met de gemeente en een hele trits partners hebben we dit portal ontwikkeld, waarmee we bezoekers aansporen om met het openbaar vervoer of op de fiets naar het stadion te komen of, als dat geen optie is, om gezamenlijk te reizen. We kunnen bezoekers nu realtime de kortst mogelijke aanrijroute leveren, zodat zij zo snel en duurzaam mogelijk naar het stadion kunnen reizen.


SMART CITY

In 2014 benaderde de gemeente de ArenA opnieuw, nu met de vraag of het stadion het voortouw wilde nemen bij de nieuwe uitdagingen waar de stad nu nog steeds voor staat: de ontwikkeling van een smart city. Grote aantallen toeristen bezoeken jaarlijks de stad. Bovendien telt Amsterdam een toenemend aantal inwoners. Met andere woorden: Amsterdam verdicht. Op sommige piekmomenten is de binnenstad overbelast. ‘Die verdichting wordt alleen maar groter,’ zegt Van Raan. ‘Wij hebben als ArenA inmiddels een behoorlijke ervaring opgebouwd op het gebied van crowdmanagement en mobiliteit tijdens piekmomenten. Als slimme stad wil je niet alleen weten hoeveel mensen er naar je onderweg zijn, maar ook hoe deze mensen op een efficiënte manier naar de juiste plek genavigeerd kunnen worden. Je wilt bezoekers van informatie voorzien over de bereikbaarheid van de stad en zo overcrowding voorkomen. We hebben een manifest geschreven over hoe je ons inziens niet alleen aan een slimme, maar ook aan een leefbare stad kunt bouwen. Ik ben geboren en getogen in Amsterdam. Ik voetbalde vroeger op straat. Dat kan niet meer; de auto heeft de straat overgenomen. En dat is nog maar één voorbeeld: de stad is een te drukke plek aan het worden. De gemeente heeft een dubbele opdracht: ze moet de leefkwaliteit voor de bewoners – de stadseigenaren – verbeteren én economisch interessant blijven.’

‘Als voorbereiding op het manifest hebben wij mensen gesproken hier uit de buurt. De gemeente heeft onder bewoners en ontwikkelaars de behoeften ten aanzien van wonen en leven geïnventariseerd. Het bouwen van meer woningen wordt belangrijk gevonden, maar veiligheid evenzeer. Het gebied rond de ArenA is na middernacht heel rustig. Wil je hier een nieuwe stadskern ontwikkelen, dan moet je een 24-uurs economie creëren. Dan ontstaat natuurlijk de vraag hoe je dit gebied, waarin je wonen, shoppen, werken en uitgaan wilt combineren, leefbaar houdt. Dat is een hele uitdaging. Technologie speelt daarbij een steeds grotere rol. De Bijlmermeer werd eind jaren 60 neergezet als groene buurt aan de buitenste rafelrand van de stad. De buurt trok vooral allochtonen. Diversiteit was ver te zoeken. Zulke rafelranden zijn in buitenlandse steden veelal achtergestelde wijken geworden. Hier zijn we al twintig jaar bezig om de Bijlmer tot een leefbaar gebied te transformeren. Je ziet nu dat Zuidoost een gewilde bestemming aan het worden is. Wonen wordt steeds belangrijker. Dat maakt het ArenAgebied tot het tweede stadscentrum van de stad.’

In het manifest is afgesproken dat alle betrokkenen een leefbare stad als uitgangspunt nemen bij hun initiatieven. ‘Dat hier gebouwd wordt met het oog op de toekomst,’ legt Van Raan uit. ‘Open gebouwen die communiceren met de omgeving. Gebouwen waarin alle aspecten van duurzaamheid en innovatie in het design worden meegenomen. Woningen met veel groen, voorzien van groene daken en zonnepanelen en aangesloten op stadskoude en stadswarmte. Futureproof en betaalbaar voor iedereen. Dat betekent bijvoorbeeld ook dat gebouwen en woningen digitaal worden en als het ware met een stekker op het internet zijn aan te sluiten. Zo kunnen bewoners, bedrijven en gebouwen met elkaar communiceren en kun je systemen, energie, parkeren en zelfs je auto met elkaar delen. Het is niet verwonderlijk dat de gemeente ons voor dit soort ontwikkelingen inschakelt. Wij zitten hier al meer dan twintig jaar. We hebben met onze initiatieven laten zien dat wij zelf ook verduurzamen en innoveren en we zijn de constante factor in dit gebied. Continuïteit is belangrijk in dit geheel.’